In gesprek met Esther Horsten, directeur van het Vrijheidsmuseum

Esther Horsten, directeur van het Vrijheidsmuseum, ging in gesprek met Louis Frankenhuis en Ineke van den Berg.

Wilt u uzelf even voorstellen aan de lezers van de Rozet?

Ik ben Esther Horsten, 50 jaar, geboren en opgegroeid in Groesbeek. Destijds woonde ik hier achter het museum, alhoewel het museum nog niet bestond toen ik geboren werd, nu woon ik in Middelaar. Mijn achtergrond: Hospitality Management aan de Hogere Hotelschool in Maastricht. Daarna werkte ik 10 jaar bij een horeca adviesbureau, had vervolgens als zelfstandige een eigen bureau op het gebied van communicatie en (project)management. In de zomer van 2023 bezocht ik het vernieuwde Vrijheidsmuseum als bezoeker. Ik was onder de indruk en heb letterlijk tegen mijn man gezegd: hier kan én moet iedereen naar toe. De boodschap is goed, op een hele toegankelijke en diverse manier gebracht, de multiperspectiviteit, de brede scope: niet alleen wat gebeurde er in die Tweede Wereldoorlog, maar ook wat ging eraan vooraf. Het museum gaf stof tot nadenken over vrijheid, toen, maar ook nu. Die vrijheid die voor mijn generatie heel vanzelfsprekend lijkt te zijn geworden, is dat niet. Met die gedachte ging ik naar buiten: dit moet iedereen gezien hebben. En toen kwam in het najaar de vacature van museumdirecteur op mijn pad.

Image Not Found
Hoe trof u het Vrijheidsmuseum aan bij uw aantreden? Wilt u in dezelfde lijn verder gaan of gaat u ook nieuwe dingen doen?

In grote lijn ga ik door op de manier waarop het voor mijn aantreden werd gepresenteerd, maar het geheel is natuurlijk nooit af. Met de bouw van het nieuwe museum in 2019 en de nieuwe verhaallijn, als onderdeel van de vaste expositie kunnen we voorlopig vooruit, dat is niet iets wat we op hele korte termijn gaan veranderen. In het najaar van 2025 hebben we wel een nieuwe verhaallijn toegevoegd, speciaal voor kinderen, met de naam ‘Koffer vol Keuzes’. Hiermee ervaren kinderen zelf het verhaal van de Tweede Wereldoorlog, bevrijding en vrijheid. Wat we natuurlijk wel altijd veranderen zijn de tijdelijke exposities, daar zijn er jaarlijks een of twee van. Op dit moment is dat ‘Alaaf! & Heil Hitler! Carnaval in crisis, oorlog en vrijheid’, die hebben jullie gezien. Daarnaast activiteiten als lezingen, films, boekpresentaties, daarin ben je natuurlijk wel continu bezig met die inhoud. Alles wordt in drie talen gepresenteerd: Nederlands, Duits en Engels.

In totaal werken we hier nu met acht betaalde krachten, daarnaast werken er ca. 140 vrijwilligers, deels ook in onze tweede locatie in Nijmegen, het Infocentrum WO2 in de Lindenberg.

Vroeger heette het museum Bevrijdingsmuseum, nu Vrijheidsmuseum, vanwaar die naamsverandering?

Het museum is in 1987 opgericht als regionaal Bevrijdingsmuseum, daarna is de stap gezet naar nationaal Bevrijdingsmuseum en vervolgens is het Vrijheidsmuseum geworden. En dat is meer dan alleen een naamsverandering: Vrijheidsmuseum wil zeggen dat we niet alleen willen laten zien hoe die bevrijding destijds in zijn werk ging, maar ook wat vrijheid hier en nu betekent. Aanzetten tot nadenken over vrijheid, hoe we vrijheid hebben verloren, herwonnen en moeten bewaken, die drie aspecten. Daarom vertellen we ons verhaal vanuit meerdere perspectieven, vanuit de verschillende belevingswereld van mensen aan deze kant en ook aan de andere kant van de grens. Ook het grotere internationale plaatje betrekken we erbij, de politieke situatie in Duitsland voor en tijdens de oorlog en wat er verder in Europa aan de hand was. Er is nooit maar één verhaal. Om die verschillende perspectieven tot leven te brengen hebben we bijvoorbeeld vier zogenaamde ‘dilemmakamers’ gemaakt, waarin een situatie geschetst wordt die in de jaren voor en tijdens de oorlog speelde en dan word je gevraagd: wat zou jij doen? Nu denken we allemaal met terugwerkende kracht vanaf de zijlijn wel te weten wat het “goede” antwoord zou zijn, maar als je je in die situatie van toen verplaatst, zie je dat er meerdere kanten aan zitten. Dat besef willen we laten landen bij de bezoekers: zo zwart-wit is het niet. Je ziet ook, zeker bij scholen, dat leerlingen dan ook met elkaar in gesprek gaan naderhand.

Vandaag de dag zien we maar al te goed dat vrijheid een kostbaar goed is en op veel plekken in het gedrang komt. We proberen altijd een link naar de actualiteit te leggen, maar moeten daarin ook keuzes maken. Waar besteed je wel en niet aandacht aan? Hoe houd je de focus vast? De uitdaging voor ons zit ook in de manier waarop we iets presenteren, niet alleen qua onderwerp. Zo hebben we bijvoorbeeld op het Vrijheidsplein een vitrine met reddingsvesten, afkomstig van Lesbos. En buiten staat, naast een Amerikaans en een Russische tank, een kapotte Nederlandse ambulance die dienst heeft gedaan in Oekraïne, daar beschoten is en bestookt door drones. Dit om ook het burgerperspectief te laten zien.

Hoe is de relatie van het Vrijheidsmuseum met andere spelers in de regio, zoals onderwijsinstellingen, gemeente, toeristische voorzieningen en bedrijven?

Scholen komen hier vaak in het kader van schoolvakken als Maatschappijleer, Geschiedenis, Burgerschap. Maar ook basisscholen weten ons te vinden Betrekken van onderwijs vinden we erg belangrijk, je wilt je verhaal vertellen aan de volgende generatie, dus je wilt jeugd bereiken. Het gesprek in de klas op gang brengen. Sommige scholen komen ieder jaar terug, we hebben ook contacten met de Radboud universiteit om kennis te kunnen delen, we hebben ook een bijzonder hoogleraar die verbonden is aan het Vrijheidsmuseum. We halen het liefst de scholen hierheen, daarvoor hebben we immers dit museum gerealiseerd, omdat we denken op deze manier het beste ons verhaal kunnen vertellen. Nog niet iedere school uit de regio komt hier, maar ons doel is wel dat iedere leerling uit de regio hier een keer geweest moet zijn. Ook qua bezoek uit Duitsland kan het nog wel beter.

Daarnaast zijn er goede contacten met historische verenigingen zoals Stichting ‘40-‘45, Nijmegen blijft in beeld, etc. We krijgen ook bijna dagelijks objecten (boeken, foto’s, objecten) binnen uit nalatenschappen of zolders in relatie tot de tweede wereldoorlog. Verkopen van wat geschonken is doen we niet, maar we verkopen wel tweedehands boeken hier in de winkel.

We hebben een goede relatie met de gemeente, dat blijkt ook wel uit de financiële steun die we gekregen hebben. In het nieuwe coalitieakkoord staat ook dat de gemeente het Vrijheidsmuseum als belangrijke toeristische basisvoorziening wil blijven steunen. En natuurlijk willen we dat ook zijn en blijven.

Wat betreft de samenwerking met bedrijven, daar zouden we wel mee meer willen: we hebben een horecaruimte, een grote vergaderzaal. Het zou voor een bedrijf aantrekkelijk kunnen zijn om hier te vergaderen, in combinatie met een rondleiding en lunch. Daar zijn we kleine stapjes in aan het zetten. Maar ook een bezoek alleen aan het museum kan interessant zijn voor een bedrijf, ook om daarna in gesprek te kunnen gaan met elkaar. Gesprekken brengen mensen nader tot elkaar.

Welke activiteiten kunnen we vanuit het Vrijheidsmuseum verwachten in de maand september?

We organiseren een Festivaldag op 20 september in het teken van Market Garden met activiteiten voor jong en oud. . Er vinden daarnaast heel veel activiteiten plaats in de regio. Die worden door verschillende partners georganiseerd, en samen zoeken we naar manieren om dit allemaal beter bij elkaar en gezamenlijk naar buiten te brengen. De flyer van visitmarketgarden.nl daar een voorbeeld van. En het een versterkt het ander natuurlijk, omdat er hier in de regio iets gebeurt, komen mensen ook naar ons als Vrijheidsmuseum toe.

Wat doen jullie om toeristen hier naartoe te trekken?

Toerisme is zeker belangrijk voor ons. Als mensen hier voor een paar dagen vakantie komen, kijken ze ook wat er zoal in de omgeving te doen is en dan willen wij een plek zijn die hun belangstelling trekt. In de zomermaanden komen er veel fietsers, wandelaars deze kant op. Als het regent in de vakantieperiode is het hier sowieso altijd drukker. Verder hebben we vaak groepen Canadezen, Amerikanen, ook via de cruiseschepen aan de Waalkade. ’s Winters zou het wel wat drukker mogen worden.

Hoe zit het met de aandacht voor de Duitse kant van het oorlogsverhaal? Als je op de flyer kijkt van wat er allemaal in de regio te doen is rond Market Garden staat er niets op uit de regio Kranenburg-Kleef.

Die kant betrekken we er in onze tentoonstelling zeker bij, de multiperspectiviteit vinden we erg belangrijk, dus bijvoorbeeld ook wat mensen aan de andere kant van de grens meemaakten tijdens het Rijnlandoffensief, daar besteden we ook aandacht aan. We krijgen hier door het jaar heen zeker ook Duitse groepen en Duitse scholen op bezoek. En gezamenlijke activiteiten zijn er zeker ook, kijk bijvoorbeeld naar de herdenking in Kranenburg, georganiseerd door de Airborne Vrienden.

De tentoonstelling ‘Carnaval in crisis, oorlog en vrijheid, met die verrassende opening door Prins en Prinses Carnaval, Raad van Elf, en dweilorkest. Een mooie en rake tentoonstelling vonden wij van de Rozet. Hoe gaat dat eigenlijk in zijn werk, een tentoonstelling maken?

Het begint met iemand die ergens een verhaal ziet, zo van ‘dat is de moeite waard om verteld te worden’, of ‘dat is onderbelicht’, bij voorkeur met ook nog een link naar de actualiteit. Er komt veel creativiteit bij kijken om zo’n verhaal ook echt tot ontwikkeling te brengen. Dat is ook een heel leuk onderdeel van wat we hier doen. In het geval van de tentoonstelling ‘Carnaval’ kwam het wel heel ‘mooi’ van pas dat de Düsseldorfse ontwerper van carnavalswagens, Jacques Tilly, door Poetin inmiddels bij verstek is veroordeeld. Waar Tilly zich overigens niets van aantrekt en gewoon doorgaat met zijn ontwerpen waarin dictators op een satirische manier worden afgebeeld. We hebben een van zijn ontwerpen ook opgenomen in deze tentoonstelling.

Is er al een nieuwe tentoonstelling in de maak?

Op dit moment kan ik nog niets zeggen over onze nieuwe tijdelijke tentoonstelling, elke 6 a 9 maanden wisselen die, daar zijn we druk mee aan het werk maar het is nog niet voor 100% rond, dus daar wacht ik even mee om daarover te vertellen. We laten het zo snel mogelijk aan jullie weten.

We zijn heel benieuwd, veel dank voor het gesprek.

Populair