Waarom zou zaterdag nou een uitzondering op de regel zijn? Welke regel ik bedoel? Nou, de regel dat ik altijd iets vergeet…
Om dat vóór te zijn had ik deze keer veiligheidshalve al op vrijdag mijn koorblouse, het gillètje en de spijkerbroek gestreken en klaar gehangen. Ik had de schoenen gepoetst en de zwarte sokken er alvast in gedaan. Het koorstrikje geborsteld, de manchetknopen in de broekzak gestoken. Ik had de partituren in de officiële map gedaan en nog twee keer het hele programma gerepeteerd.
De aanvangstijd van het optreden had ik in de agenda van mijn mobiele telefoon gezet, met het alarm een uur vroeger. Voor de volledigheid de locatie van het optreden nog eens gecontroleerd. De accu van de auto was opgeladen. Er lag een paraplu in de auto voor het geval van regen en het reservoir van de ruitensproeier was bijgevuld.
Kortom: deze keer kon er echt niks mis gaan!
Welgemoed kleed ik me zaterdag om 13.00u om, controleer nog even telefoon en sleutels en stap om 13.30u in de auto. Het is druk op de weg, maar de file begint pas voorbij het tankstation in Ubbergen en vlak daarna moet ik al rechtsaf om via de Voerweg naar de Eiermarktgarage te rijden. Ik zit ruim in de tijd, dus die vijf minuten extra vormen geen enkel probleem.
Bovenaan de Voerweg sla ik rechtsaf en kom bij de Lindenberg in de file voor de garage terecht. Ik realiseer me dat dit wel eens heel lang kan gaan duren en weet met behulp van mijn achterligger ruimte te maken om te draaien. Ook deze verloren tien minuten zitten nog ruim binnen de planning.
Snel de Voerweg weer af en kijken naar een parkeerplek. Pas bij het Hollands-Duitsch gemaal is het raak. Nog even zoeken naar de parkeermeter en € 8,10 doneren aan de gemeente Nijmegen en ik kan te voet op weg naar de Molenstraatkerk. Bovenaan de Voerweg kom ik oude kennissen tegen die met harmonie KNA op het Valkhof hebben gespeeld. We maken kort een praatje en als ik hun instrumenten en mappen met partituren zie, realiseer ik me tot mijn grote frustratie dat mijn map nog thuis ligt! Het is uitgesloten dat ik nog terug naar huis kan en stil vloekend en mezelf verwensend loop ik door naar de Molenstraat. Gelukkig heb ik vanochtend nóg een keer het programma gerepeteerd en ik kan denk ik wel meekijken bij een collega.
De tweede deceptie volgt al snel als we gaan inzingen in de sacristie van de kerk. Mijn leesbril zit niet in m’n jaszak! Die moet in de auto zijn achtergebleven na de betaling bij de parkeerautomaat. Het voelt als een ramp. Meekijken wordt dus ook niks!
Maar ik laat me niet door mijn ongeliefde zelf van de wijs brengen en zing dapper alle stukken uit het hoofd mee. Alleen bij de Japanse tekst ‘Umi Sono Ai’ dreig ik af en toe te haperen, maar over het geheel verbaas ik mezelf.
Dat geeft voldoende zelfvertrouwen voor het optreden in de kerk. En dat blijkt ook terecht. Door de concentratie volledig op de dirigent te kunnen richten, zing ik voor mijn gevoel zelfs beter dan mét partituur. De akoestiek is geweldig en het publiek reageert enthousiast. We zijn allemaal trots en blij na afloop.
Zorgelijk blijft, dat zaterdag ondanks alle voorzorgen dus toch geen uitzondering op de regel is geworden. Anderzijds heb ik bewezen dat je ook met beperkingen kunt leren leven.
Sagittarius

