“Wil jij een stukje schrijven over de verkiezingsavond?”
“Ja hoor,” zei ik. Net iets te snel, voordat ik er erg in had.
Ach, de meeste raadsleden ken ik wel. De lokale politiek volg ik al jaren en sta zelf zelfs op de lijst. Kortom: ik achtte me wel geschikt om het feest van de democratie te beschrijven. Hoe moeilijk kan het zijn? Achteraf terugkijkend vraag je soms je af, wat er allemaal gebeurt, op zo’n avond?
Na het sluiten van de stembureaus om 21.00 uur, stroomt de Mallemolen in Groesbeek langzaam vol. Politici, bestuurders, pers en publiek verzamelen zich rond statafels, alsof het een verjaardagfeestje is waar iedereen elkaar kent, maar niemand precies weet wanneer de taart komt. Exitpolls bestaan hier niet. Landelijke trends? Ach, die gelden vooral ergens anders. Hier mag nog ouderwets gespeculeerd worden.
Rond half elf verschijnt het eerste staafdiagram op het scherm. En daar begint het ritueel dat de rest van de avond zal bepalen: praten, stilvallen, staren naar gekleurde balkjes, opgelucht lachen of betekenisvol knikken — en weer opnieuw keuvelen, drinken en eten.
Het heeft iets van de 10 kilometer schaatsen. U kent het wel: het gebeurt langzaam, in rondjes, en toch kun je eigenlijk niet wegkijken, omdat elke tussentijd ertoe doet. Het zijn hier geen rondjes, maar stembureaus met uitslagen: wel zesentwintig stuks.

De Groesbeekse uitslagen zijn er als eerste. Die leveren geen grote verrassingen op. De VVD scoort goed, tot zichtbaar enthousiasme van een meerdere jonge mannen, die plots erg geïnteresseerd blijken in staafdiagrammen. Kernachtig slaat een gat met GroenLinks-PvdA, die vanaf deze week Pro gaat heten. CDA en D66 lijken achter te blijven, terwijl Lokaal al belangrijke graantjes meepikt. In de polder en op de stuwwal ontstaat een soort politieke yin en yang balans tussen Lokaal en Pro. En in Millingen? Daar is van balans geen sprake. Daar wint Lokaal. Met overmacht.
De uren verstrijken. De temperatuur stijgt. Gesprekken verstommen steeds weer. Gezichten kleuren roder. Niemand wil naar huis, want stel je voor dat je het moment mist. Het moment waarop alles duidelijk wordt.
Dat moment komt pas om kwart over één, wanneer het grootste stembureau, Kulturhus Beek, is geteld. De zaal reageert met een mengeling van opluchting, vreugde en voorzichtig rekenen. Zetels schuiven, partijen winnen en verliezen, en ergens blijkt dat vier stemmen het verschil kunnen maken. Vier stemmen.
En dat is misschien wel de kern van zo’n avond. Je komt voor de democratie, maar je gaat naar huis met het besef dat het uiteindelijk draait om enkele stemmen, een handvol mensen die nét wel of nét niet zijn gaan stemmen. Het feest van de democratie blijkt geen knallend vuurwerk. Het is eerder een lange avond wachten op gekleurde balkjes. En nog is het niet afgelopen. Maandag is de finishfoto pas helemaal klaar. De taart, die is al lang op, want de winnaar is duidelijk. Alle lijsttrekkers worden na weken campagne en een lange avond, uitgewoond het podium op gehesen. Ze vertalen antwoorden op de “Wat ging er door je heen?” vraag, met dezelfde frasen als sporters. De kiezer heeft gesproken, het is nu aan de politici, om te luisteren.








