Dit najaar bespreken we in de gemeenteraad de uitgangspunten voor arbeidsmigrantenbeleid in Berg en Dal. Onze situatie is best overzichtelijk omdat we geen grootschalige vleesverwerkende industrie, glastuinbouw of logistiek hebben. Toch is er wel degelijk werk aan de winkel. Ook wij hebben te maken met strijdig gebruik van gebouwen, slechte woonomstandigheden en overlast voor omwonenden. En spelen ook vraagstukken over wie er wel of niet toegang heeft tot onze sociale voorzieningen.
Welke uitgangspunten wil het college de raad voorstellen? We willen uitgaan van onze lokale economie. Daar waar onze eigen ondernemers óók arbeidsmigranten in dienst hebben denken we mee met hun huisvestingsplannen. Grootschalige woningbouw voor arbeidsmigranten die elders werken overwegen we niet. Met de omliggende gemeentes gaan we ook in gesprek over het soort werk dat we regionaal wel en niet willen aantrekken.
Daar ligt ook een rol voor het Rijk. Als bepaalde bedrijfstakken alleen maar levensvatbaar zijn met overwegend buitenlandse werknemers mag je je best afvragen of je daarmee wel door moet gaan. Trek de lessen van de Twentse textielindustrie! En waarom moet een Roemeen eigenlijk in Nederland in een slachthuis komen werken? Als we met z’n allen niet willen minderen met vlees, dan kan die koe toch ook in Roemenië worden geslacht? Zodat de werknemer de avond thuis met zijn gezin door kan brengen?
Veel werkgevers zorgen goed voor hun buitenlandse werknemers. Maar we weten al jaren: er is óók structureel misbruik van deze kwetsbare groep: lage lonen, lange dagen en slechte woonomstandigheden. Regelmatig wordt aan de huur van een kamer door de werkgever meer verdiend dan aan het werk zelf. Op zulke misstanden willen we handhaven, zeker in situaties die zorgen voor overlast of die onveilig zijn. Denk aan brandveiligheid, schimmel of woningen zonder verwarming. Berg en Dal is een sociale en een zorgzame gemeente. Ook als mensen niet zijn ingeschreven willen we ze niet laten vallen. Zeker niet als ze in een kwetsbare positie verkeren door uitbuiting of uitsluiting.
Werk voor de overheid dus, maar we mogen we onszelf ook als samenleving best een spiegel voorhouden. We behoren tot de wereldtop qua voorzieningenniveau, maar niet iedereen profiteert daar evenveel van mee. In de zorg, de landbouw, de logistiek en de schoonmaak is er mede een tekort aan arbeidskrachten omdat je het belang van het werk onvoldoende terugziet in de beloning van werknemers. Waar het aanbod van binnenlandse medewerkers afneemt, groeit vanzelf de vraag naar mensen van elders.
Nog dichter bij huis: behoor je tot de middenklasse, dan ervaar je veel gemak. De boodschappen worden voor een habbekrats thuisbezorgd. Wil je niet koken, dan wordt de pizza voor een luttel bedrag warm aan de deur afgeleverd. Een broek bestel je in diverse kleuren of maten en drie van de vier pakjes stuur je voor weinig terug. Gemak dient de mens. Dat mag wel wat kosten, maar vooral niet te veel…
Dat ontzorgde leven is alleen maar betaalbaar als dienstverleners structureel een laag loon ontvangen. En dus hebben vele duizenden mensen aan de onderkant van de samenleving met twee of drie banen nog steeds een moeilijk en armoedig bestaan. Nederlanders én arbeidsmigranten. Samen kunnen we op 29 oktober van de nood een deugd maken en het voor iedereen beter en rechtvaardiger regelen!
Mark Slinkman
Burgemeester van Berg en Dal
m.slinkman@bergendal.nl

