Alweer 10 jaar burgemeester van Berg en Dal: De Rozet in gesprek met Mark Slinkman

Even terug in de tijd. In januari 2015 was de herindeling van de voormalige gemeenten Ubbergen, Millingen aan de Rijn en Groesbeek een feit en in september van dat jaar trad er een nieuwe burgemeester aan. Op de voorpagina van De Rozet van 9 juni 2015 zien we een glunderende Mark Slinkman op de foto samen met zijn vrouw Heleen. Nu, 10 jaar later, kijken Louis Frankenhuis en Ineke van den Berg met hem terug en proberen we samen te benoemen wat zijn burgemeesterschap inhoudt en de moeite waard maakt.

Image Not Found
De burgemeester snijdt een taart in het Kulturhus Kekerdom (11 januari 2016)

Allereerst: waar zijn je krullen gebleven? Toen je hier aantrad had je er veel meer!

Ja, dat is zo en toen ik in 2008 aan mijn eerste burgemeestersfunctie begon in de gemeente Rijnwaarden had ik er nog veel meer. Dat verschijnsel kennen we allemaal wel, toch? Ja, helaas en laten we hopen dat er wijsheid voor in de plaats is gekomen…

Een mooi aanknopingspunt om wat door te vragen over dat eerste burgemeesterschap. Je was daar na zes jaar herbenoemd en toch koos je voor Berg en Dal, waarom?

Ik voelde me daar heel gelukkig en ging er met pijn in mijn hart weg. Maar het was een gemeente die te klein was om alle noodzakelijke dienstverlening nog goed te kunnen leveren. Een samenvoeging met Zevenaar was helaas onontkoombaar. Solliciteren op die nieuwe gemeente was niet verstandig op dat moment. De toenmalige Commissaris van de Koningin, Cornielje zei terecht: je krijgt al gauw het verwijt dat je meer hebt met dat deel van de gemeente dat je goed kent en te weinig oog hebt voor wat er nieuw is bijgekomen. Toch vond ik het erg om weg te gaan. Toen ik vertrok stond er een artikel in De Gelderlander met als kop ‘Rijnwaarden huilt bij vertrek Slinkman’. Dat was zeker wederzijds, maar gelukkig ging er vervolgens ook een mooie nieuwe deur open.

Cornielje wilde me graag in Gelderland houden en wees me op een paar vrijkomende burgemeestersposten, waaronder de nieuwe gemeente Berg en Dal. Die had voor mij de ideale combinatie. Millingen kende ik al goed als buurgemeente met voor mij bekende familienamen en een vertrouwd dialect. En daarbij dan Groesbeek, groter, altijd bruisend en met een heel eigen dynamiek. Een universiteit vlakbij, voormailig Ubbergen met een eigen ziekenhuis. Groter qua inwonersaantallen dan ik tot dan toe gewend was, maar ook niet te groot en heel divers. En zo mooi qua landschap, ik geniet er elke dag van als ik ergens in de gemeente moet zijn en niet te vergeten tijdens mijn hardlooprondjes.

Image Not Found

De columns die je schrijft in De Rozet vinden we echt een aanwinst, ze geven een goed beeld van wat je zoal tegenkomt als burgemeester, de mooie en minder mooie dingen, de dilemma’s ook waar je voor komt te staan. Hoe kies je je onderwerpen?

Vaak schrijf ik al wat zinnen op tijdens mijn werkbezoeken en wat ik zoal in mijn werkweek tegenkom. Soms krijg ik ook een verzoek van een van de wethouders om hier of daar aandacht aan te besteden. Zaterdagochtend ga ik er echt voor zitten om dat aan elkaar te smeden. Waar ik altijd op probeer te letten is dat ik me niet uitspreek op een manier die mensen kunnen opvatten als een afwijzing van waar zij voor staan. Want ik wil burgemeester voor iedereen zijn. En dan valt het altijd weer tegen hoeveel werk dat kost om het eruit te laten zien alsof je het moeiteloos uit je mouw schudt.

Ben je lid van een politieke partij?

Nee, ik was lid van het CDA maar sinds vier jaar ben ik partijloos. Ik vind het een voordeel hebben omdat je zo als burgemeester meer je onpartijdigheid kunt laten zien. Ik zie dat ook bij steeds meer collega’s, dat ze geen lid van een politieke partij zijn. Het is ook niet meer zo dat partijlidmaatschap de enige manier is om burgemeester te worden.

Image Not Found

Je bent nu ook in Berg en Dal herbenoemd, hoe werkt dat?

In september 2027 is het weer zover dat mijn termijn afloopt. Samen met de gemeenteraad bepaal ik dan of we ook daarna samen verder gaan.

Toen jij aantrad was de gemeentelijke herindeling in elk geval op papier klaar. Heb je het gevoel dat de inwoners zich nu ook zien als inwoner van de gemeente Berg en Dal?

In het eerste jaar merkte ik nog wel dat de oude sentimenten leefden, bv als ik bij een diamanten huwelijk kwam in Groesbeek zeiden ze nog: daar is de burgemeester van Groesbeek. En in veel nissenhutten zie ik als ik met carnaval een rondje maak nog de oude komborden hangen: “Berg en Dal Gemeente Groesbeek”. Ik zie er de humor wel van in. Mijn ervaring is dat het de meeste mensen inmiddels weinig meer uitmaakt hoe hun gemeente officieel heet. Want de eigenheid van de dorpen is er niet door aangetast en de herindeling is een succes. De gemeente heeft zijn zaakjes goed op orde, ook financieel en dat geeft de inwoners rust. We zijn begonnen met het dienstenniveau van de meest ruimhartige gemeente tegenover de laagste lasten. Dat is eigenlijk altijd zo gebleven. We beginnen geen megalomane projecten, wegen de risico’s zorgvuldig af en dat zien de meeste mensen wel.

De nieuwe gemeente Berg en Dal heeft destijds ook een mooi nieuw gemeentewapen laten maken, een samenstelling van de drie oude wapens van Groesbeek, Ubbergen en Millingen. Waar is dat wapen gebleven? Op de gemeentepagina in De Rozet staat een ander logo, op de website ook. Is het überhaupt in gebruik?

Jazeker, het hangt boven de ingang van het gemeentehuis en verder staat het op het postpapier dat ik als burgemeester gebruik. Dat logo op de gemeentepagina zou ik persoonlijk wel willen vervangen door het gemeentewapen, maar het was al aangeschaft voor mijn aantreden en ik heb het maar zo gelaten. Dat kost maar geld en zo belangrijk is het niet.

Image Not Found

Wat vind je de leuke dingen van je burgemeesterschap?

Dat je overal bij mag zijn, je bent overal welkom en je maakt kennis met heel veel onderdelen van het gemeenschapsleven. Schuttersfeesten, carnaval, jubilea en wat er zoal speelt. Mensen die hun diamanten huwelijk vieren vind ik ook een waardevolle gelegenheid voor contact met de inwoners. Mijn ervaring is dat je wat kunt bijdragen aan het gevoel bij een echtpaar dat zo’n jubileum echt een bijzonder moment is, een mijlpaal die maar weinigen gegeven is. In zo’n sfeer ontstaan er soms heel bijzondere gesprekken. Zo is het wel eens gebeurd dat er midden in de kring van kinderen en kleinkinderen ineens verteld werd over een overleden eerste kindje. Dat moest óók genoemd worden op die dag. Van een verbaasde dochter hoorde ik bij de deur dat daar in de familie nooit over gesproken werd. Ontroerend. Ik probeer zoveel mogelijk in te gaan op alle uitnodigingen en ik zorg ervoor dat ik daarbij alle elf dorpen regelmatig bezoek. Maar natuurlijk kan ik niet overal bij zijn, mede omdat de afstanden in onze gemeente groot zijn en er dus relatief veel reistijd is.

En verder houd ik ook wel van de ingewikkeldheid van de verantwoordelijkheid voor een ‘bedrijf’ met zo’n 350 medewerkers. Het contact met de burgers versterkt ook die kant van mijn werk: als ik na zo’n bezoek terugkom in het gemeentehuis weet ik nog beter waar onze bedrijvigheid op gericht moet zijn: op onze inwoners.  Zij zijn het waarvoor we dit gebouw met al zijn personeel hebben opgetrokken, zij mogen in ruil voor hun belastinggeld van ons een optimale dienstverlening verwachten.

Dan heb ik nog de verantwoordelijkheid voor politie en brandweer, dat is zeker niet altijd even makkelijk. Akelige dingen die inwoners overkomen, kan ik me zeker ook aantrekken, zeker als er jonge mensen bij betrokken zijn. Het is fijn als je vanuit je functie mensen dan een beetje kunt helpen door te handelen of steun te bieden.  Die beide kanten van mijn werk spreken me juist zo aan, enerzijds dat meedelen in het lief en leed van mensen en anderzijds dat snel en doelgericht kunnen optreden waar dat nodig is.   

In het verleden is er wel eens gesproken over inlijving van de toenmalige gemeente Ubbergen bij Nijmegen. Hoe kijk jij daar tegenaan?

Gelukkig is dat niet gebeurd. Ik denk dat het gemeenschapsleven voor de meeste van onze inwoners heel belangrijk is. Dat zou waarschijnlijk minder tot zijn recht komen bij samenvoeging met een grote stad als Nijmegen.

Voor ons als gemeente Berg en Dal staat voorop dat mensen zich onderdeel van hun dorpsgemeenschap moeten kunnen blijven voelen. Ik vind dat we goed op weg zijn om de inwoners van de dorpen meer te betrekken bij de planvorming in hun dorp. We voeren gesprekken met buurtbewoners, dorpsraden, verenigingen, met iedereen die iets wil of met een vraag zit. Onze wethouders en raadsleden gaan er op werkbezoek en omgekeerd weet men ons ook goed te vinden.

Image Not Found

Is het misschien zelfs zo, dat Nijmegen van ons profiteert, omdat wij zo’n mooie natuur hebben en zij daar zo heerlijk in kunnen recreëren?

Dat weet ik wel zeker. Maar wat maakt het uit van wie het bos is of de polder waarin gewandeld en gefietst wordt? Omgekeerd ga ik immers ook graag naar een concert in De Vereeniging en als ik iets nodig heb dat dichterbij niet te krijgen is ga ik naar Nijmegen. Hoe dan ook, we vangen elkaar geen vliegen af, we hebben een goede verstandhouding, onze samenwerking is prima en samen vormen we een mooi verzorgingsgebied voor onze inwoners. Dat geldt trouwens ook voor onze samenwerking met de andere gemeenten in het Rijk van Nijmegen.

Zijn er ook dingen die je lastig vindt, of waar je meer moeite begint te krijgen?

Moeite is een groot woord, maar er zijn zeker uitdagingen. Een concreet punt dat me zorgen baart en waar echt nog samen naar gekeken moet worden is de verkeersafwikkeling rondom Nijmegen. Ik begrijp heel goed dat Nijmegen af wil van de uitstoot van de enorme hoeveelheid verkeer in de stad. Terecht. Maar we staan bij het Traianusplein nu al steeds langer in de file om de polder uit te komen. En dat terwijl we nog heel wat gaan bouwen en dus steeds meer inwoners krijgen inclusief hun auto’s. Hoe we het samen ook op termijn leefbaar én bereikbaar houden is best een moeilijke puzzel.

Image Not Found

Hoe kijk je aan tegen de groeiende aversie van de samenleving tegenover de politiek? Het gevoel dat je er als burger geen vat op hebt en dat ze het in Den Haag en in Brussel maar moeten uitzoeken? Heeft dat ook gevolgen voor jouw rol als burgemeester?

Ja, ik ervaar dat zelf ook wel de laatste jaren. Een kabinet dat allerlei mededelingen doet, maar vervolgens niet met concrete regelingen komt. Dat zet mensen op het verkeerde been. Bijvoorbeeld: de minister kondigt via grote koppen in de media aan dat statushouders geen voorrang meer krijgen bij de toewijzing van huurwoningen. Terwijl diezelfde minister er nog steeds streng op toeziet dat de gemeenten tot nader bericht gewoon doorgaan met het plaatsen van statushouders. Hoe kan dat? De minister zegt dit en de gemeente doet het anders. Ja, wij voeren de bestaande wet uit, dat is onze plicht. Dat het Rijk niet vanzelfsprekend een betrouwbare partner is van de gemeenten, dat had ik een paar jaar geleden niet kunnen denken.

Ook zoiets: omdat het kabinet gevallen is blijft de gemeente zitten met een schadepost van een ton. In onze begroting reserveren we elke vier jaar geld om de verkiezingen te organiseren. Nu moet dat al na twee jaar omdat het kabinet al ruziënd is gevallen. De schuldigen voor die val zitten in Den Haag, maar ze laten de gemeenten opdraaien voor de kosten van verkiezingen. Minister Judith Uitermark beloofde de gemeenten ernaar te kijken, maar het is bij kijken gebleven…Daar baal ik van: een ton die we nu niet kunnen besteden aan nuttige zaken voor onze eigen inwoners of het verenigingsleven. Dat is toch veel geld. Die combinatie van een hoop lawaai maken en laat de gemeenten het maar weer recht trekken, daar moet wat aan gebeuren.

Wat verder terug kijkend: de afgelopen jaren zijn er veel taken vanuit het Rijk naar de gemeente overgeheveld. Is daarmee de taak van de burgemeester ook veranderd?

Ja, op zich vind ik het prima dat er meer taken naar de gemeente zijn overgaan. Wij zitten dichter bij onze inwoners en kunnen beter dan Den Haag inschatten wat ze nodig hebben. Maar er is wel veel meer werk bij gekomen. Om maar een voorbeeld te noemen: voorheen ging het meeste geld in de gemeentebegroting naar Bouwen en Wonen, maar sinds de WMO heeft de wethouder van Sociale Zaken financieel de zwaarste portefeuille.

Toen ik in 2008 als burgemeester begon dacht ik dat ik het druk had, maar daar is intussen zoveel bijgekomen dat ik nu niet meer zo goed snap hoe ik dat toen kon denken. Om maar een paar voorbeelden te noemen: ik heb als burgemeester een rol gekregen bij huiselijk geweld. Bij voorkomende gevallen beslis ik of een (vermeende) pleger tien dagen niet thuis mag komen. Eventueel met 18 dagen te verlengen. Dat is heel ingrijpend en dus een grote verantwoordelijkheid, terwijl ik daar toch ook niet voor gestudeerd heb. Het sluiten van drugspanden is er ook zo een. Net als de grote toename van mensen met verward gedrag in de wijken.

Dan is er natuurlijk de opvang van vluchtelingen. Al heel snel na de Russische inval kwamen de eerste Oekraïense vluchtelingen aan en zijn we met stoom en kokend water aan het regelen gegaan. Ook een grote verrassing waren destijds de twee volle reisbussen met alleenstaande minderjarige asielzoekers voor de deur van hotel Erica. Regel het maar, gemeente! Vroeger werd zoiets vooraf overlegd en konden we rekenen op het COA, dat is helaas niet meer zo.

Image Not Found

Kun je ook iets zeggen over wat dit met jou doet, als persoon?

Ik weet uit ervaring hoeveel meerwaarde het heeft als je echt aandacht aan een bepaald probleem kunt geven. Nu heb ik wel vaker het gevoel dat ik de boter, die voor twee boterhammen bedoeld is, over een half brood uit moet smeren. Dat proef je uiteindelijk wel. Maar aan de andere kant: ik krijg juist ook veel energie van het oplossen van acute situaties, zeker als je het samen kan doen. Ik ben wat dat betreft een accu die oplaadt terwijl de auto rijdt. Ik zoek het graag in onorthodoxe en vooral onbureaucratische oplossingen. En de ambtenaren kennen mij ook als erg zuinig. Toen de Oekraïners moesten worden opgevangen ontstond er landelijk bij fabrikanten een run op bedden en ander meubilair. In Berg en Dal zijn we vanuit de gemeente via Facebook een beddenophaalactie gestart onder onze inwoners. Medewerkers van de gemeentewerf gingen die ophalen bij de mensen thuis en in no-time hadden we tientallen bedden. Via de kringloop verzamelden we tafels, stoelen, nachtkastjes etc. Niet nieuw, maar alles schoon en netjes en de vluchtelingen waren er blij mee. En het mooiste: juist op deze manier hebben we onze inwoners erbij kunnen betrekken en een heleboel positieve energie losgemaakt. Hetzelfde gebeurde met de minderjarige vluchtelingen. Velen hadden alleen maar de kleren die ze aan hadden. Eén oproep op Facebook en binnen een uur kwamen er al moeders naar hotel Erica met tassen overtollige kleding van hun kinderen. Dat is de kracht van onze gemeenschap!

Al jaren neemt huftergedrag naar burgemeesters, wethouders en raadsleden toe, heb jij daar ook last van?

Zeker. Laatst kreeg ik nog een mail. Een mevrouw van 75 die me voor pannenkoek uitschold, omdat  ik iets niet deed waar ik helemaal niet over ga. Tja… Ik scherm me bewust af van social media, want daar gebeurt het vooral. Mijn afdeling Communicatie houdt het wel een beetje in de gaten, van tijd tot tijd krijg ik van hen een lijst met wat daar is gezegd over een bepaald onderwerp dat speelt in de gemeente. Dan worden er nogal eens woorden gebruikt waarbij medewerkers, wethouders of ikzelf voor rotte vis worden uitgemaakt. Wat mij dan blijft verbazen, is dat hun volledige naam er vaak gewoon bij staat, inclusief profielfoto. Ik heb wel eens iemand na zo’n scheldkanonnade uitgenodigd voor een kopje koffie op het gemeentehuis. Dat is dan meestal even schrikken; mensen lijken zich oprecht niet te realiseren dat we dat allemaal lezen. Meestal komen ze niet koffiedrinken. Dan blijkt weer hoe makkelijk het is om in de beslotenheid van je kamer achter de laptop je ongezouten mening te geven en hoe moeilijk het is om daar face-to-face mee voor de dag te komen. Maar ik heb ook wel goede gesprekken gehad, waarin we over en weer argumenten hebben uitgewisseld en elkaar aan het eind de hand konden schudden zonder dat we het met elkaar eens waren geworden. Mensen zijn in het echt veel vriendelijker en ruimdenkender dan je zou denken als je ze op Facebook leest.

Ik probeer dat wel steeds terug te geven, dat mensen zoveel vriendelijkheid en behulpzaamheid in zich hebben als ze elkaar in levenden lijve zien. Ook uit landelijk onderzoek blijkt wel dat het negatieve beeld dat mensen hebben van de samenleving als geheel veel positiever uitvalt als het om hun eigen leefomgeving gaat. Zo van ‘met de wereld gaat het slecht, maar met mij persoonlijk gaat het best goed’. Dat heeft zeker met de grote afstand tussen de wereld van online media en die waarin je elkaar in het echt ontmoet.

Maar soms hebben ze even een eyeopener nodig. Bijvoorbeeld, als mensen bij ons aan de bel trekken omdat iemand de heg al een tijdje niet bijhoudt of dat de vuilnis zich alsmaar opstapelt. Ik vraag dan: hebt u al met de betreffende persoon gesproken, is er misschien een reden dat het daar niet gaat zoals het hoort? Misschien kunt u even bijspringen? Dat kan escalatie voorkomen, want reken maar dat de iemand boos wordt als hij of zij zelf nooit iets hoort en dan merkt dat de buren zijn gaan klagen bij de gemeente. Eenmaal verziekte verhoudingen zijn vaak moeilijk vlot te trekken.

Image Not Found

Zijn er nog bijzondere voorvallen geweest in de afgelopen 10 jaar van je burgemeesterschap waar je zelf nog met verbazing op terug kijkt?

Absoluut, ik denk dan bijvoorbeeld aan de coronatijd. In het kader van de rampenbestrijding oefen je regelmatig allerlei rampscenario’s, ook epidemieën. Maar een crisis die maandenlang duurt, dat was iets waar we toch niet op voorbereid waren. Ik was ineens regisseur van een samenleving op slot. Ik had nooit kunnen denken dat ik mezelf nog eens een vergunning zou geven om ’s-avonds tijdens de avondklok op straat te komen. Met Rob Bekers van de omroep deed ik wekelijks een uitzending van radio Berg en Dal om de laatste informatie over alle gedragsregels te verstrekken. Als ik dat nu op youtube terugzie, wat je toen allemaal niet mocht… Scholen gesloten, jongeren die niet met elkaar ergens mogen hangen, want dan moest ik ze een boete geven. En zelf natuurlijk het goede voorbeeld geven. Ik zie me nog bij het gasthuis in Millingen staan voor het raam bij mevrouw Egberts die 100 jaar was geworden. Ik stond haar buiten te bellen en zij zat binnen met een taartje achter het glas. Hoe absurd allemaal en hoe snel we die tijd ook weer zijn vergeten. Maar het was naast moeilijk en verdrietig ook een waardevolle tijd. In de organisatie zag ik mensen onverwacht groeien in hun rol. In de samenleving was er zoveel creativiteit en hartverwarmende saamhorigheid. Samen hebben we het gered, zo voel ik het nog steeds.

Image Not Found
“Bezoek” aan 100-jarige mevrouw Egberts in Millingen tijdens de corona

Heb je de laatste tijd nog een goed boek gelezen?

Ja, Arianne Baggerman: ‘De storm die wij vooruitgang noemen’. Het idee dat terugkijkend op je jeugd alles onherkenbaar veranderd lijkt in ons leven blijkt al 200 jaar beschreven te worden in Nederlandse dagboeken. Heel interessant en zelfs met mijn 52 jaar heel herkenbaar.

En verder heb ik altijd een 19e eeuws Frans geschiedenisboek op mijn nachtkastje liggen. Ik wil mijn talen bijhouden, maar het is wel een beetje smokkelen;  dat oude Frans is veel gemakkelijker in vergelijking met het moderne. Ik vorder alleen niet snel, want meestal vallen na een paar bladzijden de luiken al dicht…

We hebben het nog niet gehad over je gevoel voor humor. Je kunt heel ad rem en grappig uit de hoek komen en dat zonder iemand te kwetsen. Is dat iets waar je grip op hebt, of overkomt je dat zomaar?

Voor zover ik het bewust gebruik, probeer ik op die manier wat lucht te geven in moeilijke situaties, of wat minder formeel over te komen. Maar het overkomt me ook vaak hoor, dan hoor ik mezelf iets zeggen…. maar het geeft ook aan dat ik me op dat moment ontspannen voel. Dat het niemand kwetst hoop ik en te horen dat dat ook zo overkomt, is fijn natuurlijk.

Zou je nog een boodschap graag aan alle inwoners mee willen geven?

Ik voel me als burgemeester van deze prachtige gemeente een bevoorrecht mens. Graag dank ik al die inwoners, verenigingen, ondernemers enzovoort die mij al die jaren hebben laten meedelen in al hun wel en wee. Dat zorgt er voor dat ik met veel plezier en enthousiasme het elfde jaar inga, want er is nog genoeg te doen!

Tijd om af te sluiten, we hebben je in je rol als burgemeester beter leren kennen. Dank voor dit gesprek.

Populair